Welkom

'Wil jij mijn mossel zien?'
Het thema van het jaarlijks terugkerend carnavalsbal was dit jaar 'Onder water'. Niet dat ik verder mijn kostuum op het thema had aangepast, maar dit was toch een leuk detail. Ik heb niet iedere dag een mossel in mijn handtasje.

Gisteren ging ik samen met de oudste op weg naar Etten-Leur. De auto volgeladen: met een tractor, een bouwafvalzak vol met schraderconfetti, pruiken, schmink, overals, feestjurk, en nog veel meer ondefinieerbaar, maar toch erg onmisbaar spul voor carnaval. We hadden er zin in en zongen hard mee met wat we konden ontvangen op de radio in de auto. De antenne is stuk, het is dus iedere keer maar afwachten, wat voor frequentie er opgevangen wordt door het kleine stukje ijzerdraad wat uit de kont van de auto steekt en het is nooit zeker hoe lang we dat dan kunnen horen.

Toen we over de laatste rivier waren gereden, gebeurde er iets wonderlijks. Op het moment dat we het bord 'Welkom in Brabant' zagen knalde er carnavalsmuziek uit de radio! Een soort Maria-verschijning. Tot aan Etten vulden de plaatselijke carnavalskrakers onze hongerige oren en hosten we de auto door. Eenmaal aangekomen in 'Het Stijlorenrijk' schoot ik helemaal vol bij de aanblik van de eerste verklede mensen die ik op straat zag. Dat heb ik ook altijd bij fanfare's. Ik raak ontroerd door groepen mensen die samen iets doen. Bij toneelstukjes op school (het hoeven mijn eigen kinderen niet te zijn), de intocht van sinterklaas, het zingen van het Wilhelmus, bruiloften, zwemdiploma's, etc. sta ik steevast te snotteren. Dat is waarschijnlijk ook de reden, waarom ik zo van carnaval hou. Gewoon met zijn allen verkleden en lol hebben.

Het was heerlijk. Eerst de kinderoptocht met zoonlief en kinderen van oude vrienden, onzin, schminken, familie, dansen, un bietje mauwen, drinken, nog meer onzin, roken, horen dat ik vroeger zo mooi was (eh ja?) en dat ik op die iemand zijn lijstje stond(!?), nog meer drinken, logeren bij Marjolein, 's ochtends eieren met spek en BaronieTV (is echt cult), de optocht zoekend van Leur naar Etten (die zichzelf elk jaar overtreft in het wachten; het duurt zolang, dat uiteindelijk niemand de optocht meer ziet, iedereen staat dan in de kroeg) en ten slotte tomatensoep bij ons pa en ons ma. MMMM.

En nu weer thuis. Boven de rivieren. En het is koud.